Fans van “28 Days Later” en “28 Weeks Later” hebben lang moeten wachten op het vervolg, 18 jaar op precies te zijn. En de cruciale vraag is dan ook: was het dat waard of komen ze met “28 Years Later” toch eerder bedrogen uit?
Voor fans van het eerste uur is het antwoord duidelijk: ja! Is “28 Years Later” echter je eerste kennismaking met deze franchise (en weet je dus niet beter), dan is dit een OK horrordrama. Maar een mijlpaal in het zombiegenre zoals “28 Days Later” en inspirator voor series als The Walking Dead, is deze “28 Years Later” jammer genoeg niet.
Situatieschets
Eerst even situeren: we zitten in een post-apocalyptische setting waar het zogenaamde “rage” virus uitgebroken is en in een mum van tijd zich onder de bevolking verspreidt. De schade is enorm: wie in aanraking komt met het virus verandert instant in een razend zombieroofdier. Gevolg: van de mensheid schiet niet veel meer over.
Waar we ons in de eerste twee films nog volop in de uitbraak bevinden, maken we in “28 Years Later” kennis met een microgemeenschap op een Brits mini-eiland dat enkel via een getijdenweg in verbinding staat met het Engelse vasteland. Het eiland is volledig virusvrij, in de rest van Groot-Brittannië is dat niet het geval en krioelt het van de zombies. De gemeenschap op het eiland leeft zeer primitief en is erin geslaagd zichzelf te onderhouden zonder afhankelijk te zijn van het vasteland.
Centraal staat een gezin met een jonge zoon en een zieke moeder. De zoon wordt opgeleid om zelfstandig zijn mannetje te staan en mag een eerste keer met zijn vader pijl-en-boog-gewijs op missie naar het vasteland om aldaar zombies te gaan schieten. Daar bestaan verschillende soorten van, in alle maten en gewichten. Hij komt te weten dat er zich, te midden van zombieland, een vreemde dokter schuilhoudt en hij wil deze inschakelen om zijn moeder te genezen.
Twee verschillende tempo’s…
Het eerste deel van de film leunt het dichtst aan bij de vorige twee films: stevige actiescènes, zeer dynamisch gefilmd. Maar daar houdt jammer genoeg het grootste deel van de vergelijking op. Zeker wanneer de nutty dokter in beeld komt (nochtans gespeeld door rasacteur Ralph Fiennes) zakt het tempo helemaal in elkaar en gaan we eerder de filosofische toer op. Op zich niets mis mee, maar dan liever in een andere film. En het wordt pas helemaal pijnlijk op het einde. Het is de bedoeling dat er na deze derde film nog twee delen volgen: laat ons alsjeblieft hopen dat die niet verder bouwen op dat ronduit belachelijke einde van deel 3…
De setting
Nog een gemis ten opzichte van de eerste twee films: de setting. Weliswaar prachtige natuurbeelden, straf in beeld gebracht, maar ik ben toch meer fan van het desolate, maar ook zeer herkenbare Londen uit 28 Days Later en 28 Weeks Later. Het zorgt voor een grotere verbondenheid met het verhaal, die je in 28 Years Later toch een groot stuk mist. Wel vermeld ik graag twee lichtpuntjes: in de eerste plaats de soundtrack met o.a. het beklemmende “Boots” dat ook in de marketingcampagne sterk wordt uitgespeeld. Het is een “spoken-word” gebaseerd op een gedicht uit 1903 en bootst de ritmische cadans van wanhopige, marcherende soldaten na. Goed gevonden, duidelijke meerwaarde.
Alfie Williams
Daarnaast ook een eervolle vermelding voor de jonge acteur Alfie Williams. Hij had perfect kunnen ruilen met dat andere Britse supertalent en generatiegenoot Owen Cooper van Adolescence: beiden spelen een rol die hen op het lijf geschreven is, met een naturel alsof ze al 20 jaar in het vak staan. Iets zegt mij dat die twee elkaar nog vaak gaan tegenkomen. Een beetje zoals Wout van Aert en Mathieu Van der Poel die ook al van kindsbeen af elkaars concurrent zijn.
Conclusie: ben je een “28-leek”, dan zou ik afraden om eerst nog snel de vorige twee films te bekijken. Begin bij dit derde deel en het wordt daarna alleen maar beter. In het andere geval: verwacht er niet teveel van en bekijk het verhaal van dit derde deel met een andere bril. Je kan de film nu bekijken in de cinema. (Ingestuurd door Nonkel Film – J.V.)


